Ajax heeft de miserabele reeks van Nederlandse clubs in de voorrondes van de Champions League woensdag een passend vervolg gegeven.

De Amsterdammers werden in de uitwedstrijd tegen het Russische FK Rostov met 4-1 te kijk gezet. Het eerste duel eindigde in een gelijkspel, 1-1.

Ajax had in Rusland dus minstens een doelpunt nodig om uitschakeling te voorkomen. Achteraf bezien kreeg de ploeg van Peter Bosz welgeteld één goede kans om, voordat de achterstand een feit was, die treffer te maken. Centrumspits Bertrand Traoré schoot de bal echter in kansrijke positie over.

Ajax had in de eerste helft weliswaar veruit het meeste balbezit (66 procent), de beste kansen waren voor Rostov. Dat resulteerde tien minuten voor rust ook in de openingstreffer. Kenny Tete, terug als rechtsback, werd in de lucht geklopt door Sardar Azmoun die de 1-0 achter Jasper Cillessen kopte. Cillessen stond ondanks zijn naderende overstap naar FC Barcelona onder de lat.

Nachtmerrie
Hij zal met de Catalanen de poulefase van het kampioenenbal ingaan. Iets wat voor Ajax slechts een droom is voor komend seizoen. De wedstrijd tegen Rostov mondde uit in een nachtmerrie. Kort na rust maakte Aleksandr Erokhin door het maken van de 2-0 de Amsterdamse missie moeilijk.

Moeilijk veranderde in acht minuten naar onmogelijk. Toen sloeg Christian Noboa namelijk toe via een heuse flipperkastgoal. Ajax kreeg met geen mogelijkheid de bal uit het strafschopgebied en via het been van de Ecuadoriaan was de 3-0 een feit.

De avond werd nog treuriger voor Ajax toen Dmitri Poloz voor de vierde tegengoal tekende. Een recordnederlaag in Europa leek in de maak, maar in de slotfase redde Davy Klaassen nog de eer vanaf de stip, 4-1.

Hoewel, eer? De afgang was hoe dan ook al een feit. En de tiende uitschakeling van een Nederlandse club in de voorronde van de Champions League binnen elf jaar ook. (FOX Sports)