Sebastián Abreu gaat tegenwoordig door het leven met een wereldrecord op zak. De 40-jarige Uruguayaanse aanvaller is namelijk de meest getransfereerde voetballer ooit.

Vanaf maandag gaat de Uruguayaan spelen bij het bescheiden Braziliaanse Bangu. Daarmee is zijn 28ste transfer een feit. El Loco heeft in 22 jaar tijd maar liefst 23 clubs versleten. 

De zeventigvoudig international van Uruguay begon zijn carrière in eigen land bij Defensor en reisde daarna de hele wereld over. In tien verschillende landen wist Abreu een club te vinden die wilde betalen voor zijn diensten.

Seedorf
Met Deportivo La Coruña, River Plate en Botafogo als het meest in het oog springende namen speelde de Uruguayaan ook in mindere competities in landen als El Salvador, Paraguay en Ecuador. Bij Botafogo had Abreu, toen hij onder meer samenspeelde met Clarence Seedorf, tussen 2010 en 2012 zijn beste periode met 55 doelpunten in 93 duels.

Toch werd er nooit veel geld voor hem betaald. In totaal leverden de 28 transfers slechts 7,5 miljoen euro op. De 1.93 meter lange aanvaller was met zijn land actief op de WK's van 2002 en 2010.

Panenka
Wat hij naast een wereldrecord ook op zak heeft, is het feit dat hij verantwoordelijk was voor de uitschakeling van Ghana op het wereldkampioenschap in Zuid-Afrika. Met een panenka schoot hij Uruguay naar de halve finale tegen Nederland. Daarin wist hij als late invaller niet te voorkomen dat het Nederlands elftal naar de finale ging.  

In Nederland is Henk Vos een naam die we verbinden aan veel transfers. Met verhuurperiodes erbij opgeteld, stond Vos bij zestien clubs onder contract. (FOX Sports)