Met pijn en moeite heeft Barcelona zich woensdagavond bij de laatste acht van het Spaanse bekertoernooi geschaard. De kampioen van Spanje boekte voor eigen publiek een zwaarbevochten zege op Athletic Bilbao (3-1).

Barcelona kon de eerste zege van het nieuwe kalenderjaar goed gebruiken. De club verloor vorige week niet alleen het eerste bekerduel met Athletic Bilbao in de achtste finales (2-1). Het elftal van trainer Luis Enrique kwam zondag in de competitie ook niet verder dan een gelijkspel tegen Villarreal (1-1).

Daardoor is de achterstand op koploper Real Madrid al opgelopen tot acht verliespunten. De bevrijdende derde treffer van het duel met Athletic Bilbao kwam in de slotfase van de voet van Lionel Messi, die voor de derde wedstrijd op rij een vrije trap benutte.

Luis Suárez opende met zijn honderdste doelpunt voor Barcelona de score. Hij bereikte die mijlpaal met een fraaie volley. Suárez trof voor die treffer ook al doel. Op advies van zijn grensrechter keurde de scheidsrechter dat doelpunt echter ten onrechte af wegens buitenspel. Dat leidde tot veel protesten van de spelers van de thuisploeg. Zij waren nog niet vergeten hoe hen zondag tegen Villarreal een glaszuivere strafschop was onthouden.

De arbiter voelde zich even na rust geroepen zijn foutje goed te maken. Hij gaf Neymar wel heel makkelijk een strafschop. De Braziliaan ging zelf achter de bal staan en trof na 1038 minuten weer eens doel. Vier minuten na de benutte penalty tekende Enric Saborit voor de 2-1. Jasper Cillessen, die in het bekertoernooi het doel van Barcelona mag verdedigen, was kansloos op de inzet van de verdediger Athletic Bilbao.

Wie anders dan Messi voorkwam dat Barcelona een plaats in de kwartfinale in een verlenging moest afdwingen. Hij schoot opnieuw raak uit een vrije trap, net als zondag tegen Villarreal en een week geleden in het eerste duel met Athletic Bilbao. (ANP)